Welke EU-industrieën de meeste energie verbruiken

Binnen de EU-industrie was in 2023 de sector chemie en petrochemie met 21,5% van de industriële eindenergie de grootste afzonderlijke energieverbruiker, gevolgd door niet-metaalhoudende mineralen (14,5%, voornamelijk cement en glas), papier, pulp en drukwerk (14,3%), voeding, dranken en tabak (12,9%) en ijzer en staal (10,6%). Deze vijf sectoren verbruikten samen bijna drie kwart van alle industriële energie.

Chemie & petrochemie21.5 % of industrial energyNiet-metaalhoudende mineralen14.5 % of industrial energyPapier, pulp & drukwerk14.3 % of industrial energyVoeding, dranken & tabak12.9 % of industrial energyIJzer & staal10.6 % of industrial energy
Aandeel in het industriële eindenergieverbruik van de EU naar deelsector, 2023 (Eurostat, dataset nrg_bal_s).

Source: Eurostat — Final energy consumption in industry — detailed statistics (dataset nrg_bal_s) (2023)

What it means

Vijf zware sectoren – chemie, mineralen, papier, voeding en staal – zijn goed voor bijna drie kwart van het industriële energieverbruik van de EU, dus dáár loont de efficiëntie-inspanning het meest. Voor een exploitant in een van deze sectoren bevestigt het cijfer dat energie een strategische kostenpost is, en dat warmte-intensieve processen het voor de hand liggende eerste aanknopingspunt voor besparingen zijn.

Context

De energiebalansen van Eurostat (dataset nrg_bal_s) wijzen het industriële eindenergieverbruik toe aan de deelsectoren van de maakindustrie. De aandelen voor 2023 zijn EU-breed en worden vóór de omrekening naar percentages in petajoule gemeten. De energie-intensiefste sectoren zijn die welke worden gedomineerd door hogetemperatuur-proceswarmte – ovens, brandovens, reactoren en drogers – die moeilijker te verminderen of te elektrificeren is dan elektrische belastingen, wat ze centraal maakt voor zowel het efficiëntie- als het decarbonisatiebeleid.

Related charts

Related topics

All industrial data & charts →